De zonne-energie van de toekomst komt uit Venlo - Solarus
17608
post-template-default,single,single-post,postid-17608,single-format-standard,ajax_fade,page_not_loaded,,qode-title-hidden,qode-theme-ver-10.0,wpb-js-composer js-comp-ver-4.12,vc_responsive

De zonne-energie van de toekomst komt uit Venlo

Zelfs Ben van Beurden, de topman van Shell, is ervan overtuigd dat zonne-energie de toekomst heeft. In een interview met de BBC voorspelde hij een half jaar geleden dat zonne-energie „ooit de ruggegraat zal vormen van onze energievoorziening”.

Als we álle zonnestraling zouden kunnen omzetten in energie zouden we de hele wereld gemakkelijk kunnen voorzien, ook als de energiebehoefte de komende jaren verdubbelt.

Maar dat is helaas nog niet het geval, zegt Jacko D’Agnolo van het bedrijf Solarus dat zonnecollectoren in Venlo bouwt. Hij heeft laten berekenen dat een gewoon zonnepaneel in het Spaanse Murcia, een van de meest gunstige plaatsen om zonnestroom op te wekken, slechts een rendement heeft van gemiddeld 13 procent.

Dat wil zeggen dat de photovoltaïsche (pv) siliciumcellen gemiddeld 13 procent van de straling kunnen omzetten in energie. Dat is lager dan de 15 tot 20 procent die als vuistregel geldt voor de omzetting, maar dat komt volgens D’Agnolo doordat zonnepanelen bij hogere temperaturen aan rendement verliezen. En wel met 0,5 procent per graad dat hij warmer wordt.

Het pv-zonnepaneel haalt dus lang niet al het mogelijke uit de zon. Maar er zijn ook manieren om warmte-energie te ontlenen aan de zon door middel van zonneboilers. Denk aan de constructies die je vaak in zuidelijke landen op de daken ziet staan.

Door de twee technieken – het opwekken van stroom en het opwekken van warmte – te combineren én de straling nog eens flink op te voeren, heeft Solarus een zonnecollector ontwikkeld die een rendement heeft van 70 procent. De terugverdientijd wordt met deze collectoren gehalveerd.

Technici van het Zweedse Vattenfall hebben zes jaar lang aan dit concept gesleuteld

De zonnestraling wordt vergroot door een halfrondgebogen reflector die de straling geconcentreerd terugkaatst. De zonnecellen en de warmteontvanger worden zo van twee kanten bestraald. De cellen zetten de straling om in stroom, de warmteontvanger in warm water. Om te voorkomen dat de zonnecellen te warm worden en rendement verliezen, worden ze in dit systeem ook nog eens gekoeld.

Technici van het Zweedse Vattenfall hebben zes jaar lang aan dit concept gesleuteld. Vooral de samenstelling van de silicone waarmee de zonnecellen in de constructie worden vastgeplakt heeft enorme hoofdbrekens gekost.

Nadat de Belgische duurzaamheidsgoeroe Gunter Pauli zijn oog op de techniek had laten vallen, is de zakelijke ontwikkeling in een stroomversnelling gekomen. Solarus is intussen een zelfstandig bedrijf.

In een fabriekshal in Venlo worden de zonnecollectoren handmatig in elkaar geplakt, gelast en geschroefd. Op deze manier kost het 7,5 uur om één collector te maken, te testen en gereed te maken voor vervoer. Als straks alles volgens plan is geautomatiseerd en robots het werk hebben overgenomen, kost dat nog geen uur tijd.

D’Agnolo, van huis uit organisatiedeskundige, richt zich nu vooral op de ontwikkeling van de assemblagelijnen. Hij heeft onder andere autodakenfabrikant Inalfa in het naburige Venray gevraagd mee te denken over hoe de productie het beste is in te richten.

De zonnecollector is bedoeld voor landen waar behoefte is aan zowel stroom als warm water. Landen dus zonder betrouwbaar elektriciteitsnet en zonder gasnetwerk voor verwarming zoals dat in Nederland bestaat. In Zuid-Afrika lopen in hotels en ziekenhuizen al projecten om te laten zien hoe het werkt. Solarus heeft principeovereenkomsten met Zuid-Afrika en Namibië op zak. Met negen andere landen is het bedrijf in gesprek.

Social Stock Exchange

De belangrijkste onderdelen van de collectoren zullen straks in Venlo worden gemaakt, maar de assemblage moet uiteindelijk lokaal gebeuren, is de gedachte. D’Agnolo: „Dat is veel duurzamer en brengt lokaal meer werkgelegenheid”. Solarus wil ook de assemblagelijnen zelf gaan verkopen. Die moeten per stuk zo’n 1,8 miljoen euro gaan kosten.

De start-up in Venlo moet nog wel geld aantrekken. Binnenkort hoopt het bedrijf 11 miljoen op te halen bij investeerders. Het feit dat Solarus inmiddels ‘lid’ is van de Social Stock Exchange in Londen, moet daarbij helpen. Om opgenomen te worden in deze speciale beurs voor bedrijven met een sociale impact, hetzij maatschappelijk, hetzij qua duurzaamheid, wordt een bedrijf eerst zakelijk binnenstebuiten gekeerd. Solarus rekent erop dat het daarna de benodigde fondsen kan binnenhalen.



Do you want to know more about Solarus? Download our free brochure!